• Jong en oud samen aan het bewegen
  • Leren in de natuur
  • Eten in je stamgroep
  • Dagopening
  • Zelfstandig werken

Jong en oud samen aan het bewegen

Leren in de natuur

Eten in je stamgroep

Dagopening

Zelfstandig werken

BELEID VOLGENS BART VAN CAMPEN

Beleid volgens Bart van Campen, vertaald uit zijn boek “herstel van het gewone pedagogisch leven”

In onze school werken we volgens zijn methodes en inzichten.

Het gaat erom;

Het kind te helpen zijn eigen probleem op te lossen.
Onaanvaardbaar gedrag van het kind te hanteren.
Het verrijken van het leer en groeiproces van de kinderen.

Dit wordt alleen bereikt met een positief pedagogisch klimaat. Hierin staat centraal: de manier waarop de pedagogen(leerkrachten) mens zijn, en de manier waarop zij met elkaar en met de kinderen als mens omgaan.

Met de volgende principes en vaardigheden worden er concreet mogelijkheden geboden ter verbetering van voorwaarden voor een goed leer en samenwerkingsproces:

Verandering van leeromgeving; bijvoorbeeld een andere opstelling in de klas, kinderen met clowntjes gedrag in de actiezone van de leerkracht zetten!
Het geven van “ik boodschappen”; deze geeft de leerkracht wanneer hij zelf een probleem heeft. Bij het geven van de “ik boodschap” is de leerkracht assertief d.w.z. hij geeft zijn mening en komt voor zijn gevoelens uit zonder agressief, kwetsend e.d. te worden.
Het actief leren luisteren; dit is noodzakelijk omdat een “ik-boodschap” emoties kan oproepen. Actief luisteren betekent het kind laten uitpraten. Zo nodig helpen zijn eigen gevoelens onder woorden te brengen, gevoelens die het luisteren of handelen blokkeren.
De overlegmethode: een middel om conflicten op te lossen, in mijn sas in de klas!

In mijn sas in de klas, naar een goede sfeer in de klas.

Groepsaanpak

Bereiken van een goede luisterhouding tussen leerlingen en leerkracht onderling.
Geen vingers als leerling of leerkracht spreekt. Benoem kinderen die in een goede luisterhouding zitten.
Consequentie: de leerkracht vraagt regelmatig of iemand iets wil vragen of wil opmerken.
Dan volgen er vingers. Het kind dat de beurt krijgt, spreekt. Vingers van andere kinderen verdwijnen.
De leerkracht complimenteert de kinderen die dit omgevingsbewustzijn al hebben.

Individuele aanpak

Eén keer waarschuwen, kind zeer kort aankijken en direct verder gaan met de les.
Tweede keer waarschuwen en weer direct verder gaan met de les.
Bij de volgende overtreding van dezelfde leerling in een andere klas verder werken met meegegeven werk( in een lagere groep).
De ontvangende leerkracht weet van deze aanpak.
De ontvangende leerkracht begroet het kind gewoon en wijst een tafel aan om te werken en gaat verder met de eigen les.
In de direct volgende pauze of eventueel na schooltijd vindt er een individueel gesprek plaats tussen de leerkracht en de leerling.
Het werken in de andere groep is geen straf, maar een aanpak om het onderwijsproces van de andere kinderen te beschermen. De leerkracht heeft een vragende gesprekshouding waardoor de leerling gedwongen wordt te reflecteren.
Als de leerling niet wil dan zijn er de volgende mogelijkheden, dat ligt aan de leerkracht:

Ik geef je 10 seconden, anders kies je ervoor dat ik je moet aanraken om je naar een andere groep te brengen.
Dit kan ook door een andere leerkracht worden gedaan.
Je kan ook de groep meenemen, “ Peter kiest er nu voor om niet uit de klas te gaan, wij gaan naar de hal”.

Na het gesprek met de leerkracht kiest de leerling zelf of hij of de leerkracht de klas gaat vertellen voor welk gedrag hij in de groep gaat kiezen.
Na elke werkdag vindt er een gesprek met de leerling plaats of er merkbare verbeteringen zijn.
Wanneer het bij een derde gesprek nog niet goed is gegaan worden de ouders erbij betrokken.
Er volgt een gesprek met leerling en ouders waarin ouders gevraagd wordt mee te helpen het gedrag van hun kind te verbeteren.
De directeur en IB-er zijn van deze gesprekken op de hoogte.
Er wordt daarna een vervolgafspraak gemaakt voor over twee weken.
Verbetert het gedrag dan worden de gesprekken met de ouders om de 6 weken, anders om de drie/vier weken.

Ouders, opvoeding en school

De school of de leerkracht moet, met respect voor de autonomie en de verantwoordelijkheid van ouders, aan ouders duidelijk maken waarom vanuit de eigen verantwoordelijkheid en de pedagogische behoefte en taakstelling van de school een pedagogische gedragslijn ( in het belang van het kind) gevolgd wordt op school-, groeps-, en individueel kindniveau. Dit altijd in het belang van kind en ouders.

Verbondenheid is relatie aangaan, zowel intern als extern, deze onderhouden en het probleemoplossend vermogen bekrachtigen. Dit is iets anders dan te spreken met begrippen als beleid, klachtenregeling procedures en reglementen.

St. Lukas     Pier Panderstraat 3, 9203 SG Drachten     t 0512 - 36 05 36     info@stlukas.nl